“Maar de engel zei tegen hem: Je hoeft niet bang te zijn. God heeft je gebed gehoord. Je vrouw Elizabeth zal een zoon krijgen. Je moet hem Johannes noemen”. Lucas 1:13 BB.

  • Gods verlangen is groter om ons te laten delen in Zijn zegening dan ons verlangen om ze in ontvangst te nemen.

Zacharias vertelt:

Hij slikte moeizaam, had een droge keel en kon wel een slokje water gebruiken. O, wat had hij naar dit moment toegeleefd, hij had zichzelf er voortdurend aan herinnerd, maar nu had God Zijn belofte gegeven, voor hem was dit een toezegging van Hogerhand

Mocht ik nu nog wel twijfelen? Of moest ik mezelf verbieden te geloven dat ik een ontmoeting had gehad met een afgezant van de Allerhoogste? Nee, daar kon ik niet aan twijfelen ik had daar gestaan met wijd open mond van verbazing en met tranen in mijn ogen. Zou iedereen de vreugde van mijn gezicht kunnen lezen? Ach, er waren jaren van verwachting aan voorbij gegaan van wanhopig verlangen van huilbuien en woede uitbarstingen. En nu, na deze ontmoeting, kon ik letterlijk geen woord meer zeggen. Toen ik thuiskwam vertoonde ik vreemd gedrag. Maar wat wil je, eerst een Goddelijke ontmoeting, dan mijn ongeloof en dan een niet meer kunnen spreken tot na de geboorte van mijn zoon. Dat was wel iets teveel van het goede.

Ik moet hem de naam Johannes geven. Of ik het daar mee eens was werd me niet gevraagd. Dit ligt niet in de lijn der verwachting want wij hebben de gewoonte om kinderen te vernoemen, hoe ik dit ga uitleggen weet ik nu nog niet. Ik ontmoet mijn lieve vrouw en probeer toch iets te zeggen, maar meer de een schrapend geluid produceer ik niet. Ik probeer via een glimlach toch iets van mijn emoties te tonen. Helaas!

Mijn vrouw kent me goed genoeg om aan te voelen dat er iets bijzonders aan de hand moet zijn. Wat is er gebeurd, hoe komt het dat je niet kunt praten, heb je een ontmoeting met de Almachtige gehad, zeg toch iets, man. Ik wil het wel uitleggen maar ik kan niets meer zeggen. Mijn tong zit op slot. En ik wist wel waarom, mijn eigen twijfels hadden mijn geloof in de Almachtige ondermijnd en dat nog wel in het huis van God. Ik weet nog exact wat de engel heeft gezegd:

“Omdat je mij niet wil geloven, zul je niet kunnen spreken totdat is gebeurd wat ik je heb verteld. Maar als de tijd gekomen is, zal alles gebeuren zoals ik je heb gezegd" Lucas 1:20 BB.

Na heel wat vergeefse pogingen om wel te kunnen spreken, was ik zo moe en boos op mezelf dat ik me moedeloos ik mijn luie stoel liet neerploffen. He, he, eindelijk even rustig zitten. Na een poosje kwam mijn vrouw aangelopen met een stuk perkament en schrijfgerei, ze moedigde me aan om alles op te schrijven wat ik in de Tempel gezien én gehoord had. Dus heb ik ijverig alles opgeschreven zo kon ik toch nog mijn verhaal doen. Wat een geluk dat ik kon schrijven zo kon ik alles delen wat de engel me gezegd had. Het was wel een onuitsprekelijk mooi verhaal, maar geloof je het ook?

Voor deze test was ik dus gezakt en had achteraf ontzettende spijt.

Mijn vrouw vertelde me toen haar eigen verhaal, ook zij had een vergelijkbare ontmoeting met de Almachtige gehad. O ja, Elizabeth was ook oud en kon met gemak al oma wezen maar ja dan moet je eerst wel moeder worden en daar zat de pijn, wat ze wel dapper droeg maar wel een litteken was geworden in haar zo kwetsbare ziel. Ze wist heel goed dat er veel meer vrouwen worstelden met deze pijn. Ja, natuurlijk was het een gemis. Elke geboorte bij de vrouwen in het dorp had ze op de voet gevolgd en had gehuild en gelachen van eigen Pijn en gezamenlijke vreugde.

Op een keer was Maria, die tante tegen Elizabeth moest zeggen, op bezoek. Deze twee vrouwen vertoonden veel overeenkomsten, zo konden ze alles met elkaar bespreken, ja vrouwen onder elkaar dat was soms heel bijzonder. De zwangerschap van Maria was voor Elizabeth een grote vreugde. Maar haar eigen zwagerschap zette ook door, ze groeide en kon het niet langer voor de mensen verborgen houden. Haar lichaam getuigde van het grote wonder dat in haar binnenste plaatsvond. Stilletjes streelde ze over haar buik en onmiddellijk reageerde het kind en een warm gevoel ging als een Gods teken door haar heen.

Nu telde ze ook mee, nu zou ze niet stilletjes meer weglopen tijdens ontmoetingen in het dorp. Haar leven en dat van Zacharias, zouden voor altijd anders zijn. Ze koesterde haar dikke buik en dankte God de Schepper van het leven. Ze pakte met trillende handen voor de zoveelste keer het perkament wat door haar man was volgeschreven over zijn ontmoeting in de Tempel met God. Wat moest het lastig voor hem zijn geweest toen het volk buiten op hem stonden te wachten. Hij moest hen immers zegenen overeenkomstig de overlevering? Maar toen hij buiten kwam had hij met zijn handen gezwaaid dat de mensen maar naar huis moesten gaan. Maar dat kan toch niet wanneer iemand de priesterdienst vervulde, moesten de mensen weten dat God het Offer had aanvaard zodat de priester hen met Gods Zegen, naar huis kon sturen.

God had kennelijk die zegen omgebogen voor het wonder waarmee Zacharias naar huis mocht gaan. O, hij had zich wel diep geschaamd voor deze vertoning, hier zouden zijn dorpsgenoten nog wel lang over doorpraten, reken daar maar op. Zo ging dit immers bij het volk van God? Elke fout werden de priesters zwaar aangerekend en om dan de hand in eigen boezem te steken, nee, dat parkeerden ze maar even ergens anders.

Met pijn in haar hart legde ze het stuk perkament weer op de tafel. En een paar tranen ontglipten aan haar ogen en rolden over haar wangen. Tranen van pijn en tranen van vreugde, ze wist nu wel wat dat betekende. Het stuk perkament dat moesten ze maar goed bewaren. Daar was met veel emotie de ontmoeting met de Engel Gabriel op vastgelegd.

Zacharias zat met zijn hoofd in zijn handen en dacht opnieuw na over het feit dat hij Gods boodschap in de Tempel niet beter had begrepen. Dan had hij nu geen stommetje hoeven spelen met zijn vrouw en familie en met zijn buren. Tja, dat was voor hem wel een les maar hij was ook zo vereerd geweest dat hij dit jaar de tempeldienst mocht vervullen dat had hem extreem zorgvuldig gemaakt. Overijverig had hij zijn taken volbracht daar was niets mis gegaan. Maar dat had Zacharias wel behoorlijk afgeleid in zijn ontmoeting met God. Zouden daar de andere priesters ook last van hebben? Vast wel, zo stelde hij zichzelf maar gerust.

Maar tja, die Persoonlijke Boodschap van God was door zijn eigen ijver over het hoofd gezien. Hij was meer op het tijdelijke dan op het eeuwige gericht geweest. En nu, hij moest zijn tijd maar afwachten en kijken hoe het zou aflopen.

Ineens voelde hij zich oud en dat waren ze ook. Elisabeth was eigenlijk te oud om een kind te krijgen, misschien werd dit wel haar dood. Hé bah, dit moest hij zich niet bedenken. Maar een onmogelijke zwangerschap was het wel. En ineens bedacht hij dat dit op zich wel eens een heel groot wonder kon zijn. Hij begon er iets meer van te begrijpen. Daarom kon het kind niet in de lijn van zijn eigen geslacht vernoemt worden. Nee, dit kind was Gods wonder in de Buik van zijn eigen vrouw. Daarom mochten zij geen naam bedenken maar God wel.

Johannes moest de naam van het kind zijn, dus het werd een jongetje. Dat was geweldig het eerste kind van het mannelijke geslacht dat was een hele eer voor hem en zijn volksgenoten. Langzaam trof het hem hoe zorgvuldig God de dingen kon plannen. De ‘mens wikt maar God beschikt’, dat wist hij maar al te goed. Er kwam een warm en dankbaar gevoel in zijn hart en kreeg behoefte om even met God alleen te zijn.

Elisabeth zag aan de houding van haar man dat hij niet gestoord wilde worden en liet dit ook zo. Ook zij had flink zitten nadenken en voor haar was deze zwangerschap heel bijzonder. Ze onderging dit alles als een jonge vrouw, terwijl ze wel beter wist als ze naar haar eigen lichaam keek. Haar lijf bloeide helemaal op dat kende ze niet dat was voor haar nieuw. Zo zie je maar je bent nooit te oud om te leren bedacht ze. En voor Gods wonderen helemaal niet! God was haar genadig geweest wat een zegen. Was dit nu voor haar man zo moeilijk geweest dat God de regie in Handen had genomen? Het was alles bij elkaar genomen toch een Godswonder wat er plaats zou gaan vinden?

Bij al deze gedachten zucht ik nog maar eens voor de zoveelste keer en voelde een aanval van ongeloof opkomen. Maar ik kon niet anders dan dit met een glimlach te gaan weigeren. De feiten waren er ontegenzeglijk en onuitwisbaar. Het werd tijd om op te houden met dat gepieker want God gaat door met Zijn eigen verhaal.

Ben jij al op de hoogte, ben jij ook zo vol van Gods verhaal?

Haal dan maar eens diep adem dan kun je Gods weeën beter verstaan.

Ik wens je een prachtige tijd en wees God dankbaar voor Zijn Verhaal ook in jou leven opgetekend.

Wij reizen met elkander, Fred IJzerman.