Hoor mijn gebed, HEER, luister naar mijn smeken. In dit uur van mijn nood roep ik u aan, want u geeft mij antwoord. Geen god is u gelijk, Heer, uw daden zijn zonder weerga. Alle volken, door u gemaakt, komen en buigen zich, Heer, voor u en prijzen uw naam. U bent groot, u doet wonderen, u alleen bent God” PSALM 86:6-10.

Wanneer we deze verzen lezen dan kunnen we ons afvragen hoe David kon zeggen: “Geen god is U gelijk, Heer, uw daden zijn zonder weerga” VERS 8. Wat wist hij van God? Had hij God vergeleken met de ander goden? Hoe wist hij dat alle volken door Hem waren gemaakt? Deze en andere vragen worden beantwoord met deze woorden: “U bent groot, u doet wonderen, u alleen bent God” VERS 10. David wist dat een God die wonderen doet de enige Echte God is. En wie de geschiedenis van David leest zal ontdekken waarom dit voor hem zo was.

We kunnen ons afvragen; ‘Wat is de mens’? Zie PSALM 8:5 EN 144:3. Een ding weten we heel zeker, God denkt aan de mens. En dit, ondanks het feit dat de mens, ‘de heerlijkheid en het schandaal van deze wereld’ is. Ons menselijk bestaan kent hoogte en diepte punten. De Bijbel laat ons drie belangrijke feiten zien die aantonen dat God verlangt naar mensen. De geschapen mens. De gevallen mens. De verloste mens. Ik probeer hier in het kort iets over te zeggen.

1. De geschapen mens. We weten vanuit GENESIS 1:26-28 dat de mens een heel belangrijke plaats inneemt in Gods schepping. We moeten de mens dan ook zien als het ‘hoogtepunt’ in al Gods scheppende daden. De mens mocht in een heel bijzondere verhouding leven met zijn Schepper, en heersen over zijn schepping. Dit was mogelijk omdat de mens naar ‘Gods evenbeeld’ geschapen was. Dit zien we terug in het feit dat de mens op volmaakte wijze de glans van Gods heiligheid en kracht kon weerspiegelen. Helaas heeft de satan kans gezien om het leven van de mens binnen te dringen, zodat de mens Gods heerlijkheid verloor.

2. De gevallen mens. Dat de mens leeft in een gevallen schepping zien we terug in de collectieve ongehoorzaamheid van de mens, maar ook in ons verwrongen Godsbeeld. Zie ROMEINEN 3:23. Door die zondeval is de bijzondere verhouding met God verbroken. Zie GENESIS 3:22-24 EN JESAJA 59:2. Door de ongehoorzaamheid van Adam en Eva kwamen alle mensen onder de macht van de zonde terecht. Ieder mens die in deze wereld wordt geboren is aangetast door het vergif van de zonde en draagt Gods oordeel met zich mee. Zie PSALM 51:5; JOHANNES 3:18 EN ROMEINEN 5:14-19. Maar God liet dit niet zo, Hij laat zien dat er een weg van verlossing is. De hele Bijbel is zo een voortgaande boodschap van redding, vergeving en verlossing.

3. De verloste mens. God gaf en geeft de mens nieuwe kansen. Door wetgeving en offers ontvingen ze vergeving en konden hierdoor laten zien dat ze afhankelijk van God waren. Ook was er de voortdurende oproep van de Profeten om zich tot God te bekeren. Vgl. JESAJA 1:18. In het Nieuwe Testament lezen we dat door het offer van Jezus de mens vrij kan komen van al zijn zonden. Zo roept de boodschap van Jezus ons op om in Hem te geloven als de enige weg tot eeuwige verlossing. En 2 KORINTIËRS 5:17 zegt dat we dan een nieuwe schepping mogen zijn. Zie ook 1 PETRUS 3:18. Hoewel we nu nog leven in de gevallen schepping, waar de vijand altijd actief is, hoeven we ons niet meer te laten leiden en knechtten door die vijand. Vgl. GENESIS 4:7. We zijn vrij door het bloed van Jezus! Er ligt een totale bevrijding van de ganse schepping op ons te wachten, dat lezen we in ROMEINEN 8:19-23.

Die dag zal aanbreken bij de wederkomst van Jezus Christus hier op aarde. Dan zal het aan ‘God gelijk zijn’ ten volle gezien en beleefd worden.

“Geliefde broeders en zusters, wij zijn nu al kinderen van God. Wat we zullen zijn is nog niet geopenbaard, maar we weten dat we aan hem gelijk zullen zijn wanneer hij zal verschijnen, want dan zien we hem zoals hij is. Ieder die dit vol vertrouwen van hem verwacht maakt zich rein, zoals ook Jezus rein is” 1 JOHANNES 3:2-3.

Wat wist David van God? Door de daden en wonderen van God heeft hij begrepen dat er maar één God is. Wat is onze conclusie? Hoe kunnen wij Gods daden en wonderen zien? Hem kennen, door het offer van Jezus, is het grootste wonder wat een mens kan meemaken, want God heeft geen behagen in de dood van een zondaar zegt EZECHIËL 33:11.

Mag God ook bij jou wonen?

Voor meer studie

 

Maandag

Efeziërs 2:8-9

Dat dankt u niet aan uzelf

Dinsdag

1 Korintiërs 3:16-17

Dat u een tempel van God bent

Woensdag

Genesis 18:27-28

Hierop zei Abraham

Donderdag

Psalm 86:8-10

Komen en buigen zich, Heer, voor u

Vrijdag

1 Thessalonicenzen 2:11-12

Hij roept u tot zijn koninkrijk

Zaterdag

Jacobus 1:16-17

Volmaakt geschenk komt van

Zondag

1 Korintiërs 3:21-23

Maar u bent van Christus

Maandag

Romeinen 14:7-9

We zijn altijd van de Heer

 

Ik wens je een fijne dag, Fred