Wie begrijpt wat opvoeden betekend zal weten wat ik hier bedoel. Gevormd worden wil zeggen; ‘Tot volledige ontwikkeling komen’ of ‘Een constructief karakter hebben’. Dat opvoeders hier belang bij hebben spreekt voor zich. Want een goed ontwikkeld mens zal zijn of haar leven goed kunnen leiden en gelukkig zijn. Maar, en dat zullen we ook wel begrijpen, ook God wil ons vormen en verlangt ernaar dat we tot volledige ontplooiing komen in ons geloofsleven met Hem. Dat dit veel aandacht vraagt is heel begrijpelijk want wij zijn niet van die volgzame mensen. We hebben allemaal zo onze ideeën hoe we als christenen moeten leven. En met de Bijbel in de hand worden nog steeds veel goedgelovige christenen op een foute manier gevormd.

“Wij zijn allemaal besmet en bevlekt door de zonde. Als we onze mantels van gerechtigheid aantrekken, blijken het smoezelige vodden te zijn. Wij verdorren en vallen af als bladeren in de herfst. En als de wind blazen onze zonden ons weg. Toch roept niemand Uw naam aan of smeekt U om genade. Daarom hebt U ons de rug toegekeerd en ons aan onze zonden uitgeleverd. En toch, HERE, bent U onze vader. Wij zijn het klei en U bent de pottenbakker. Wij zijn allemaal gevormd door Uw hand” JESAJA 64:6-8 HB.

Deze verzen laten precies zien hoe het met de mens gesteld is. Het legt precies de vinger op de zere plek. Het laat duidelijk zien dat de mens een zondig wezen is, en dat er zonder ingrijpen van buitenaf niemand gered zal worden. We worden door de adem van Gods wind, dat is Zijn verschijning, volledig weggeblazen. Wanneer we geconfronteerd worden met Gods verschijning hoe zullen we ons zelf dan zien? Vgl. EXODUS 19:16-19. Zijn we het met Hem eens dat onze mantels van gerechtigheid als een oud vod zijn?

En ondanks dat we dit diep van binnen weten, roept niemand God aan of smeekt Hem om genade, zegt Jesaja. Tja, ik kan me niet onttrekken aan het feit dat de zonde ons stevig in de greep kan houden. Want we weten heel goed dat het onze zonden zijn die ons gescheiden houden van Gods liefde. Het feit dat de zonde ons mede gevormd heeft getuigt tegen ons. Zie JESAJA 59:2; JESAJA 59:12; EZECHIËL 33:10.

Wanneer we ervaren dat ‘de hemel van koper is’, zullen we toch eens goed moeten nadenken, dan kan het zijn dat God ons de rug heeft toegekeerd. Maar God zij dank, hier houdt het verhaal niet op. Want de conclusie van Jesaja is het volgende: “En toch, HERE, bent U onze vader”. Het is zoals de Profeet Micha ons laat weten: “Hij zal Zich wederom over ons ontfermen, Hij zal onze ongerechtigheden vertreden. Ja, Gij zult al onze zonden werpen in de diepten der zee” MICHA 7:19. Wat een genade! Boffen wij even.

U bent onze vader, zegt Jesaja. Maar als de Vader weet wie en wat je gevormd heeft zal Hij dan niet ingrijpen? Laat Hij ons dan maar weer aanmodderen in ons christenleven? Zeker niet! Omdat Hij onze Vader is gaat Hij persoonlijk ingrijpen. Jesaja zegt dit zo treffend: “Wij zijn het klei en U bent de pottenbakker”. We kunnen weten dat een pottenbakker altijd nuttige dingen maakt. En wanneer wij ‘het klei’ zijn wat door Hem gebruikt wordt wat zal Hij dan van onze levens maken? Natuurlijk, nuttige voorwerpen tot een eervolle bestemming. Dat is de reden dat dergelijke teksten in de Bijbel staan. Het wil ons inzicht geven in Gods handelen. Het maakt ons duidelijk dat God ons wil vormen om andere mensen te worden. Want dat dit van nature niet in ons leven aanwezig is zal wel duidelijk zijn.

Wie nu goed nadenkt, zal dankbaar zijn voor de tijd die God aan ons wil spenderen. Dat Hij die vormloze stugge klom klei onder handen neemt en er nog iets moois van weet te maken ook. Paulus had dit ook heel goed begrepen. Paulus wist dat hij veel in zijn leven had verprutst. Maar zegt hij: “Wie zich van al dit kwaad heeft gereinigd, zal ingezet worden voor een verheven doel; hij zal een toegewijd medewerker zijn, een geschikt instrument dat de eigenaar voor elk goed doel kan gebruiken” 2 TIMOTHEÜS 2:21.

 

Ik wens je een fijne dag, Fred

Voor meer studie

 

Maandag

Filippenzen 3:12

Maar ik houd vol

Dinsdag

Jesaja 64:6-7

Wij zijn het werk van uw handen

Woensdag

Filippenzen 2:14-15

Doe alles zonder morren

Donderdag

2 Timotheüs 1:9-10

Geroepen tot een heilige taak

Vrijdag

Jeremia 46:28

Wees niet bang

Zaterdag

Johannes 14:3-4

Jullie kennen de weg

Zondag

Jesaja 49:13

De HEER heeft zijn volk getroost

Maandag

Efeziërs 2:8-9

Dat dankt u niet aan uzelf