Ieder mens heeft behoefte aan bescherming, rust en zekerheid, maar wat is hiervoor nodig? Een binnenkamer misschien?

“Maar als jullie bidden, trek je dan in je huis terug, sluit de deur en bid tot je Vader, die in het verborgene is. En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen” MATTHÉÜS 6:6.

Bij mijn ouders thuis hadden we een kelder. Dat was de bewaarplaats voor etenswaren, maar diende in geval van oorlog ook als schuilplaats. Een kelder ligt altijd beneden de begane grond, en heeft daardoor een goede isolatie functie, in de zomer tegen de warmte en in de winter tegen de vorst. Zo is de kelder een ideale plaats om dingen te bewaren, een soort ‘binnenkamer’ waar je eten niet bederft en wat beschutting biedt in tijden van gevaar.

Als klein jochie ging ik wel eens stiekem naar de kelder op zoek naar iets eetbaars, want als opgroeiende jongen had je altijd wel trek. Op een keer zag ik een lekkere kom met perensap staan, en ik dacht dit is mijn kans. En zonder na te denken nam ik een flinke slok. Maar wat kwam ik bedrogen uit! Het was geen perensap, maar een kom met jus wat qua kleur veel gelijkenis vertoonde met het mij zo toelachende vocht. Ik wist niet hoe gauw ik mijn mond moest spoelen.

Zo komen snoepers te pas, als ze met een ‘verkeerd motief’ een kijkje nemen in de binnenkamer, de kelder.

Wat dat met de ‘binnenkamer’ uit MATTHÉÜS 6:6 te maken heeft? De kelder is zo'n binnenkamer waar je voedsel en bescherming vindt. En dat is in geestelijke zin ook zo. De binnenkamer, die elke gelovige nodig heeft, is een plaats waar we onze relatie met God de Vader onderhouden. Een plek waar we Hem ontmoeten om onze zorgen, verdriet en andere noden met Hem te delen. Waar je gevoed wordt en bescherming vindt voor de aanvallen uit het rijk der duisternis. De ‘binnenkamer’ is in het Grieks eigenlijk ‘de voorraadkamer’ waar men naast het eten en het drinken, ook de meest waardevolle spullen bewaarde. Vandaar mijn vergelijking met de kelder.

Mag ik je vragen hoe jouw binnenkamer eruit ziet? Kom je daar nog wel eens? Of durf je er niet naar binnen omdat je er bang van wordt. Vermijd je die plaats bewust omdat je de confrontatie niet meer aankunt met wat daar allemaal opgeslagen ligt? Heb je de deur naar je binnenste hermetisch afgesloten,  omdat je je schaamt voor je verleden, voor de pijn die jou is aangedaan? Maar wees er wel bewust van dat je die binnenkamer altijd met je meedraagt. En de last kan zo zwaar worden dat je vastloopt, dat je niet meer verder kunt, of erger niet meer verder wilt.

Als dat zo is wil ik je aanmoedigen om actie te ondernemen. Om innerlijk ruimte te maken, om Gods bezem van vergeving er door te halen. Want dan ontstaat er weer ruimte voor andere dingen. Dan krijgt die binnenkamer weer goede ventilatie mogelijkheden. En dan ontstaat daar plek voor andere dingen. Dan wordt het een plaats, een voorraadkamer in je leven, waar je alles vindt wat je nodig hebt voor geestelijk groei. En zul je Gods bescherming, rust en zekerheid ervaren in je leven.

Nu kun je natuurlijk zeggen, daar heb ik geen binnenkamer voor nodig. Ik red het zonder dat ook wel. Nou, dat is geen excuus. Ook Jezus kende verschillende soorten binnenplaatsen. In de Bijbel lezen we dat Hij op verschillende plaatsen in gesprek was met God, Zijn Vader. Zo ging Hij een berg op, of was in het veld met zijn discipelen, maar ook wel alleen. Dat leert ons dat niet de plaats belangrijk is, maar de manier waarop wij ons afzonderen om met God alleen te zijn.

Als je een tijd van stilte zoekt, vind je heus wel een ‘binnenkamer’ waarin je je relatie met God de Vader kunt ervaren en beleven. Gebruik die plaats om in alle rust met God je Vader te spreken over alles wat je moeilijk of fijn vindt. In die binnenkamer kan niemand je storen, nee toch? Of toch wel? Ja, er is één mogelijkheid om gestoord te worden en dat is door je eigen hart, want dat kun je niet buitensluiten.

En wat in dat hart aanwezig is, kan je lelijk hinderen in je gesprek met God. Vooral als je vasthoudt aan die zonde of erin vastzit. Je weet zelf wel wat dat is, daar hoeft niemand je van te overtuigen. Dat doet de Heilige Geest wel. Maar belijdt het en breek ermee, al dan niet met hulp van anderen. Dan zul je ervaren hoe fijn en hoe ‘broodnodig’ het is om een binnenkamer te hebben, waar jij je leven met God kunt delen. Wie zo'n binnenkamer kent, ontvangt van God de belofte:

“En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen”.

En wat dat betekent, wel, ontdek dat eens in je eigen binnenkamer.

Ik wens je een fijn dag