Toewijding is een onderwerp waar we niet zo snel bij stil staan. Ik denk dat dit komt omdat toewijding een stap dichter naar God de Vader toe is. En om die stap te maken kom je de nodige obstakels tegen, zoals ‘tijd’ of ‘jezelf willen verliezen’. Toewijding is een zaak van het hart. Het is ook een weergave hoe je relatie met Jezus eruit ziet. Ondanks onze obstakels zoekt God mensen die bereid zijn om Hem te dienen. En Hij gaat niet selectief te werk. Het gaat Hem niet om de knapste, de sterkste of de intelligentste. God zoekt mensen die bereid zijn zichzelf aan Hem toe te wijden.

Inhoud:

  • Inleiding
  • Het woord toewijding
  • Toewijding is een keuze
  • Geloof is sleutel voor toewijding
  • Belemmeringen voor toewijding
  • Toewijding is een eredienst
  • Onze eigen verantwoordelijkheid

Inleiding

We moeten goed begrijpen dat Jezus, vrijwillig en bewust voor een leven van toewijding heeft gekozen. Vgl. 1 PETRUS 2:21-25. Toewijding, zowel aan God zijn Vader, als aan ons. Hij keek niet naar onze status of toewijding, maar Hij gehoorzaamde de Vader. Deze toewijding heeft Hem uiteindelijk zijn leven gekost. Door deze toewijding – zijn dood en opstanding - kunnen wij het eeuwige leven ontvangen. Maar dat leven kunnen we niet voor onszelf houden. God verlangt dat wij ook ons leven delen in navolging van Jezus.

Misschien durf je dit niet zo goed omdat je vindt dat je nog zoveel fout doet. Misschien zeg je ‘waarom ik?’ Goede vraag! Maar God heeft hier een heel direct antwoord op:

“Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, die in u woont en die u ontvangen hebt van God, en weet u niet dat u niet van uzelf bent? U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam1 CORINTHIËRS 6:19-20.

Duidelijker kan het niet gezegd worden. Als je voor Jezus gekozen hebt ben je niet meer van jezelf.

Paulus beschrijft de gelovigen als de ‘tempel van God’. De reden hiervan is dat door ons geloof in Jezus Christus de heilige Geest in ons woont. In de Efeziërs brief schrijft hij:

“Vanuit hem groeit het hele gebouw, steen voor steen, uit tot een tempel die gewijd is aan hem, de Heer, in wie ook u samen opgebouwd wordt tot een plaats waar God woont door zijn Geest” EFEZIËRS 2:21-22.

We moeten goed begrijpen dat de plaats waar de heilige Geest woont, ‘heilig’ is. Heilig betekent ‘apart gezet’ voor God. Wij zijn door de inwoning van de heilige Geest ‘apart gezet’ om Hem te dienen. Dat is wat Paulus ons duidelijk wil maken.

Het is goed te beseffen dat onze toewijding een volkomen gerechtvaardigde vraag van God is. Hij vraagt niets te veel, want: “we zijn niet meer van onszelf”. Door onze toewijding gaan wij beantwoorden aan Zijn verlangen. “U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam”. Dat is toewijding, Hem ‘eer bewijzen’. Het lichaam is de plaats waar wij de Vader verheerlijken door een reine en heilige levenswandel.

Wie Paulus een beetje kent zal begrijpen dat de woorden, ‘uw lichaam is een tempel van de heilige Geest’, met een enorme gedrevenheid geschreven zijn. Hij zegt hier zelf over:

Wat ons drijft is de liefde van Christus, omdat we ervan overtuigd zijn dat één mens voor alle mensen is gestorven” 2 CORINTHIËRS 5:14.

Dat Jezus voor hem was gestorven, greep hem zo ontzettend aan dat hij zich gedrongen voelde om Hem ‘geheel toegewijd’ te volgen.

Toewijding heeft alles te maken met het feit dat wij van God zijn. Zo kan toewijding het begin zijn van jouw leven met Jezus. Het kunnen je eerste stappen zijn in het volgen van Hem. Ik wil je aanmoedigen door te zeggen: ‘stap verder en je zult ervaren dat toewijding één grote uitdaging is, dat je leven voorgoed zal veranderen’. Jozua hield het volk van God het volgende voor met de bedoeling hen ervan te overtuigen, dat zij de juiste keuze zouden maken.

“Nu dan,’ vervolgde Jozua, ‘eerbiedig de HEER, dien hem met onvoorwaardelijke trouw en doe de goden weg die uw voorouders ten oosten van de Eufraat en in Egypte hebben gediend. Dien alleen de HEER. Wanneer u daar niet toe bereid bent, kies dan nu wie u wel wilt dienen: de goden van uw voorouders ten oosten van de Eufraat of de goden van de Amorieten, van wie u nu het land bewoont.” JOZUA 24:14-15.

En let nu eens op het geweldige getuigenis van Jozua wanneer hij zegt: “In ieder geval zullen ik en mijn familie de HEER dienen”.

Wat is jouw keuze?

Het woord toewijding

Het woord toewijding komt niet zo vaak voor in de Bijbel. (Acht keer NBG vert.) Wel zijn er synoniemen zoals ‘een volkomen hart’, vgl. 2 KRONIEKEN 19:9 of om ‘jezelf toe te wijden’ Vgl. 1 CORINTHIËRS 7:5.

Toewijding kent twee kanten:

  • Je bent toegewijd aan God uit respect voor Hem
  • Je bent toegewijd om anderen te dienen uit liefde voor Jezus

Dit zien we vooral bij de toewijding van Titus, om gehoor te geven aan de oproep van Paulus om naar de gemeente van Corinthiërs te gaan. Paulus zegt: “Toen ik hem vroeg opnieuw naar u toe te gaan, bleek dat hij, geestdriftig, daartoe zelf al had besloten2 CORINTHIËRS 8:17. In dit vers zien we duidelijk wat toewijding inhoud:

  • Overgave
  • IJver
  • Het toewijden aan…

Paulus had al eerder de ervaring opgedaan - tijdens de collecte voor Jeruzalem - dat de gelovigen enorm toegewijd waren. Wie leert om zich aan God toe te wijden, zal er geen moeite mee hebben om zichzelf ook voor de ander in te zetten. Dat is de conclusie die Paulus trekt. Hij zegt dan ook: “door Gods wil gaven ze zichzelf in de eerste plaats aan de Heer, en vervolgens ook aan ons2 CORINTHIËRS 8:5.

Het is goed om op te merken dat God geen volmaakte mensen zoekt, maar mensen die ‘waarachtig’ zijn. Dat is de voorwaarde voor toewijding. Ons hart moet volkomen op God gericht zijn. Vraag jezelf eens af: hoe leef ik met God, dien ik mezelf? Het antwoord is bepalend voor hoe toegewijd je bent.

Toewijding is eigenlijk één groot ‘zuiveringsproces’. Toewijding houdt altijd in dat je God nadert, dat je zegt: ‘hier ben ik Heer’. God naderen is loskomen van je ‘zwakheden’, je ‘schijnheiligheid’ en je ‘onwaarachtigheid’. Daarom zegt de Hebreeënbrief tegen ons:

“laten we God dan naderen met een oprecht hart en een vast geloof, nu ons hart gereinigd is, wij van een slecht geweten bevrijd zijn en ons lichaam met zuiver water is gewassen” HEBREEËN 10:22.

Paulus wijst hier ook op wanneer hij zegt: “dat Hij voor allen is gestorven opdat de levenden niet langer voor zichzelf zouden leven, maar voor hem die voor de levenden is gestorven en is opgewekt” 2 CORINTHIËRS 5:15. Niet meer voor jezelf leven, dat is toewijding. Je gemeenschap met Christus houd in dat je deel hebt aan zijn dood en opstanding. Leven met Jezus betekent deel hebben aan Zijn leven. Zie ROMEINEN 6:5. Dat is leven met een doel. Ons oude leven was een leven voor jezelf. Het nieuwe leven is een leven van toewijding aan Hem.

We zagen al eerder dat de gelovigen apart zijn gezet om God te dienen omdat wij een ‘tempel Gods’ zijn. Dat zijn grote woorden, maar kennelijk wil God ons hiermee bemoedigen. Want in die tempel woont Hij met zijn Geest. We staan er niet alleen voor, want God wil bij de mensen wonen. En dat mogen we best eens wat vaker tegen onszelf zeggen. Wij hebben een ‘speciale positie’ te midden van alle andere mensen. Daarom is toewijding ook ‘positie innemen’. Word eens bewust van je bevoorrechte plaats, die God de Vader je heeft gegeven. Leer daar vanuit te leven!

In het Oude Testament staat een verhaal van een man die ook orde op zaken stelde, omdat hij had gekozen om God te dienen.

“Aldus handelde Jechizkia in geheel Juda. Hij deed wat goed en recht en trouw was voor het aangezicht van de HERE, zijn God. In al het werk, dat hij begon met betrekking tot de dienst van het huis Gods, tot de wet en het gebod, waarin hij zijn God zocht, handelde hij met volle toewijding en was hij voorspoedig2 KRONIEKEN 31:20-21 NBG.

  • In al zijn werk zocht hij God
  • Hij handelde met volle toewijding
  • En hij was voorspoedig

Jechizkia is hier een voorbeeld voor ons.

Toewijding is een keuze

Die keuze zien we ook in het verhaal van Jozua, toen hij zei: “In ieder geval zullen ik en mijn familie de HEER dienen”. Soms geeft God je een speciale opdracht. Onze toewijding begint wanneer we begrijpen welke plaats Hij ons heeft gegeven. Toewijden aan God doe je wanneer je weet wat Hij van je vraagt.

Nu kun je je afvragen: wat is mijn plaats binnen Gods koninkrijk? Welnu, Paulus zegt daar het volgende over: “God heeft nu eenmaal alle lichaamsdelen hun eigen plaats gegeven, precies zoals hij dat wilde” 1 CORINTHIËRS 12:18. Dit vers geeft precies weer wat Gods bedoeling was met ons. Hij wil iedere gelovige in de gemeente - zijn tempel - zegenen met een speciale gave of bediening. Want: “Er zijn verschillende gaven (…) maar het is één God die ze allemaal en bij iedereen teweegbrengt” 1 CORINTHIËRS 12:4-6.

Wat leert dit ons? God zet eigenlijk de geestelijke motor in gang, door ons te bekwamen met speciale gaven. En nu verlangt Hij dat wij de keuze zullen maken om met die ‘speciale bekwaamheden’ aan de slag te gaan. Vanaf de plaats die Hij jou en mij in ‘het bijzonder heeft toebedeeld’, mogen wij ons toewijden aan Hem en aan de mensen om ons heen. Dat is Gods verlangen. En ons geloof in die opdracht zal ons helpen om op weg te gaan.

Geloof de sleutel voor toewijding

Een mooi Bijbelgedeelte hierover is het verhaal van Henoch. “Door zijn geloof werd Henoch naar elders overgebracht, om niet te hoeven sterven; hij werd niet meer gevonden, omdat God hem had weg genomen. Hij stond immers al vóór zijn opneming bekend als iemand in wie God vreugde vond. Zonder geloof is het onmogelijk God vreugde te geven; wie hem wil naderen moet immers geloven dat hij bestaat, en wie hem zoekt zal door hem worden beloond” HEBREEËN 11:5-6.

Wat centraal stond in het leven van Henoch, is zijn geloof. Door dat geloof gebeurden er wonderlijke dingen, waar ook anderen van getuigden. “Want voordat hij werd weggenomen, is van hem getuigd, dat hij Gode welgevallig was geweest”. Dit had alles te maken met zijn keuze, met zijn geloof in God. In zijn leven had Henoch geleerd om “te wandelen met God”. Zie GENESIS 5:22-24 NBG. Henoch zijn naam betekend: ‘ingewijd of toegewijd’.

Wandelen met God is toewijding. En geloof is hier de sleutel, want: “zonder geloof is het onmogelijk Hem welgevallig te zijn”. En Henoch had een gezonde kijk op wat geloof precies inhield. Het had alles te maken met onderwerping aan God. JACOBUS 4:7-8 zegt hier het volgende over:

  • Onderwerp u dus aan God
  • Verzet u tegen de duivel
  • Dan zal die van u wegvluchten
  • Nader tot God
  • Dan zal hij tot u naderen

Zien we de volgorde? Onderwerping aan God en weerstand bieden aan de satan, maakt de weg vrij om tot God te naderen, zodat Hij tot jou nadert. Het woord ‘onderwerpen’ wil zeggen dat je jezelf onder het gezag of controle van God brengt.

Belemmeringen voor toewijding

Wie zich wil toewijden zal ontdekken dat dit niet vanzelf gaat. Hierboven, in Jacobus, heb ik al iets gezegd over het ‘zich verzetten’ tegen de satan. Waarom spreekt Gods woord er zo openlijk over dat we de vijand moeten weerstaan? De reden is heel eenvoudig, omdat God ons ingekwartierd, overgeplaatst heeft, in Zijn koninkrijk. In de Kolossenzen brief lezen we daar het volgende over:

“Hij heeft ons gered uit de macht van de duisternis en ons overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon, die ons de verlossing heeft gebracht, de vergeving van onze zonden” KOLOSSENZEN 1:13-14.

Met andere woorden: door de wedergeboorte heeft de satan niets meer over ons te zeggen. God heeft hem het recht ontnomen om over ons leven te heersen. En wie al wat langer een volgeling van Jezus is, zal begrijpen hoe waar dit is. Laat de satan het hierbij? Blijft hij werkeloos toe kijken hoe wij ons toewijden aan God, de Vader? Zeer zeker niet. Er zijn veel Bijbelgedeelten die dit duidelijk maken, maar ik wil hier volstaan met de tekst: “De laatste vijand die vernietigd wordt is de dood” 1 CORINTHIËRS 15:26. Hoewel dit gedeelte gaat over de eindafrekening tussen God en de satan, is het voor ons een belangrijk feit in onze eigen strijd tegen het rijk der duisternis. God rekent in Jezus Christus met iedere macht en heerschappij af. ‘De dood’, is hier een synoniem voor de ‘boze macht’ die de wereld in haar greep heeft. Vgl. MATTHÉÜS 4:8-9.

We weten dat wij ‘Gods tempel’ zijn. Door onze wedergeboorte hebben wij een andere positie gekregen namelijk, ‘in Christus’. Daarin zijn we met Hem, meer dan overwinnaars. Vgl. ROMEINEN 8:37. In Christus zijn we heilig en rechtvaardig verklaard. Toewijding is dat je deze positie inneemt en dat je de satan laat zien dat je Iemand anders toebehoort. En hierin ligt voor de satan de reden om ons niet met rust te laten. Wat hij verloren heeft, wil hij weer terug roven. Petrus zegt:

“Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Wederstaat hem, vast in het geloof, wetende, dat aan uw broederschap in de wereld hetzelfde lijden wordt toegemeten” 1 PETRUS 5:8-9.

Met welke wapens valt de satan ons aan? In onze moderne maatschappij zijn vele vormen van misleiding en verleiding. En de geschiedenis leert ons dat er niets nieuws onder de zon is. In Genesis is God in gesprek met Kaïn. God roept hem ter verantwoording over wat hij met zijn broer Abel heeft gedaan. En er is een opmerkelijke tekst in dit hele verhaal wat ook voor nu nog niets aan zeggingskracht heeft ingeboet:

“handel je goed, dan kun je toch iedereen recht in de ogen kijken? Handel je slecht, dan ligt de zonde op de loer, begerig om jou in haar greep te krijgen; maar jij moet sterker zijn dan zijGENESIS 4:7.

In de NBG vertaling staat: “wiens begeerte naar u uitgaat, doch over wie gij moet heersen”.

Als God zegt dat wij sterker moeten zijn dan de satan, dat wij over hem moeten heersen, dan is dat een opdracht. In deze opdracht ligt zowel onze kracht, als onze zwakheid verborgen. Wij als mensen hebben de mogelijkheid om te zondigen. Maar we hoeven het niet te doen. Het is onze eigen keuze ongeacht de omstandigheden. En dit begrijpt de satan, de heerser van het rijk der duisternis, heel goed. Dat is ook de reden waarom hij geprobeerd heeft om Jezus te verleiden. Als hij wist dat Jezus niet kon zondigen had hij Hem wel met rust gelaten. Maar omdat Jezus ook de keuze had om te zondigen, probeerde satan Hem uit te schakelen. Dan was Jezus’ komst voor jou en mij voor niets geweest. Vgl. MATTHÉÜS 4:1-11. Voor veel mensen is dit een moeilijk punt en daarom zal ik dit wat nader uitleggen. Eigenlijk is het niet zo heel moeilijk als je de volgende tekst goed bestudeerd.

“Hij die de gestalte van God had, hield zijn gelijkheid aan God niet vast, maar deed er afstand van. Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens. En als mens verschenen, heeft hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis” FILIPPENZEN 2:6-8.

Wat we hier lezen, wist de satan ook. Jezus had het ‘aan God gelijk zijn’ afgelegd, Hij was aan de mensen gelijk geworden. Als Jezus het ‘aan God gelijk zijn’, niet had afgelegd, kon Hij ook niet sterven en kon de satan Hem ook niet verleiden. Dat is de kern. Als de satan Jezus kon verleiden, dan kan hij ook ons verleiden. Met dezelfde middelen en met hetzelfde doel, want zijn strategie is door de eeuwen heen niet veranderd. Wie dit begrijpt, zal ook de vele waarschuwingen om niet in te gaan op alle verleidingen ter harte nemen.

De Bijbel staat vol met teksten die ons willen aanmoedigen om niet te zondigen en om ons toe te wijden aan God de Vader. Het is al eerder gezegd: toewijding is een keuze. En omdat het een vrijwillige keuze is, wil satan dit ten koste van alles verhinderen. Maar wij mogen net als Jezus Christus zeggen: “satan, er staat geschreven”, en dan mogen we Gods woord citeren. De kern van onze proclamatie is dat: 

het bloed van Christus, die door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos offer aan God gebracht heeft, ons bewustzijn reinigen van dode werken, om de levende God te dienenHEBREEËN 9:14 NBG.

Het effect van het reinigende bloed van Christus, moeten we niet onderschatten. Hij offerde Zichzelf vrijwillig, niet gedwongen. Hij gaf Zijn leven uit liefde voor jou en mij. Zijn bloed reinigt ons van ‘dode werken’.

De Hebreeën schrijver wil dat wij ons richten op de volwassenheid van ons geloof. Want dit vers leert ons dat ‘dode werken’, ons afhouden om God te dienen. Het belemmert onze toewijding aan God. Met dode werken kunnen we God niet dienen. Deze dingen staan onze relatie met God in de weg. Dode werken brengen geen vrucht voort.

Nu kun je je afvragen wat ‘dode werken’ zijn. Wel, het zijn daden die tot de dood leiden. Het zijn daden die de dood met zich meedragen. Die ervoor zorgen dat we onze relatie met Jezus Christus verliezen. Dode werken zijn daden van zonde. Dus dingen die God afkeurt! Een voorbeeld van ‘dode werken’ vinden we in de Kolossenzen brief.

Als u met Christus dood bent voor de machten van de wereld, waarom laat u zich dan geboden opleggen alsof u nog in de wereld leeft? ‘Raak dit niet aan, proef dat niet, blijf daarvan af’ het zijn menselijke voorschriften en principes over zaken die door het gebruik vergaan. Dat moet allemaal voor wijsheid doorgaan, maar het is zelfbedachte godsdienst, zelfvernedering en verachting van het lichaam; het heeft geen enkele waarde en dient alleen maar tot eigen bevrediging. Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God. Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is” KOLOSSENZEN 2:20-3:2.

Het is onmogelijk met ‘dode werken’, de levende God te dienen. God wil dat we volwassen worden: “We moeten de eerste beginselen van de leer over Christus hier toch maar laten rusten en ons richten op wat voor volwassenen bedoeld is. We willen niet nog eens het fundament leggen en spreken over het zich afkeren van daden die tot de dood leiden, over het geloof in God” HEBREEËN 6:1.

De Hebreeën schrijver vraagt ons om: ‘de eerste beginselen van ons geloof te laten rusten’. Die eerste beginselen, dat zijn de basisprincipes van het geloof. Wij moeten ons nu richten op: ‘wat voor volwassenen bedoeld is’. De NBG vertaling zegt hier: “en ons richten op het volkomene”. Dit woord betekent ‘volmaakt zijn’ of ‘volwassenheid’. We worden opgeroepen om ons te richten op meer volwassenheid in ons leven.

Zondig gedrag en dode werken maken je geestelijk leven dood. Ze zullen altijd in de aanval gaan. De satan haat toewijding. Hij wil je ervan afhouden. Dus wees op je hoede, want: “We moeten er namelijk voor oppassen dat Satan ons niet gebruikt; zijn plannen kennen we maar al te goed” 2 CORINTHIËRS 2:11. Is dat zo? Zijn we op de hoogte van satans plannen? Weten we hoe hij te werk gaat? Paulus waarschuwt de kerk van Kolosse en zegt:

Laat u niet veroordelen door mensen die opgaan in zelfvernedering en engelenverering, zich verdiepen in visioenen of zich laten voorstaan op eigen bedenkselsKOLOSSENZEN 2:18.

Paulus wil eigenlijk zeggen: ‘let op dat je je doel bereikt. Laat je er niet vanaf houden door dingen die ontstaan uit een hart wat geregeerd wordt door dode werken’. Lees in dit verband ook GALATEN 6:7-10.

Toewijding is een eredienst

“Broeders en zusters, met een beroep op Gods barmhartigheid vraag ik u om uzelf als een levend, heilig en God welgevallig offer in zijn dienst te stellen, want dat is de ware eredienst voor u. U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld, maar veranderen door uw gezindheid te vernieuwen, om zo te ontdekken wat God van u wil en wat goed, volmaakt en hem welgevallig is” ROMEINEN 12:1-2.

Omdat we Gods genade hebben leren kennen, worden we opgeroepen om een gemotiveerd leven te gaan leiden. We mogen onszelf aan God geven als een offer. God is niet meer geïnteresseerd in dode offers. Het gaat Hem om levende, toegewijde mensen. Ons leven moet een ‘eredienst’ zijn voor God. Paulus noemt dat zelfs ‘redelijk’, omdat Jezus zoveel voor ons gedaan heeft.

Het woord ‘redelijk’ wil aangeven, dat onze toewijding een heel normale vraag is. Het is niet teveel gevraagd, we kunnen eraan voldoen, is de mening van Paulus. Want in tegenstelling tot werelds denkende mensen zegt Gods woord:  “Maar gij geheel anders: gij hebt Christus leren kennen” EFEZIËRS 4:20 NBG.

Paulus wil duidelijk maken dat er van ons een totaal andere levensstijl mag worden verwacht. Ook dat is de redelijke eredienst. Door ons toe te wijden aan Hem, maak je ruimte voor:

  • Gezonde relatie met God en Jezus
  • Je leert wat offeren is
  • Er ontstaat bereidheid om…
  • Je ontdekt wat Gods wil is

Bij elke ‘eredienst’ horen offers, anders zou het geen eredienst zijn. Petrus geeft hier een goede aanvulling, wanneer hij schrijft: “en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. Vorm een heilige priesterschap om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn” 1 PETRUS 2:5.

We weten misschien wel dat Jezus Christus Zelf de hoeksteen van de gemeente van de kerk is. Vgl. 1 PETRUS 2:6-7. Door onze verbondenheid met Jezus zijn wij levende stenen geworden. En die stenen, jij en ik, worden opgeroepen om zich te laten gebruiken voor de bouw van Gods huis. Elke Christen is een priester. En een priester in de Nieuw Testamentische betekenis brengt dagelijks offers. Vgl. 1 PETRUS 2:9-10. Centraal in dit offer staat het offeren van zichzelf, dat is: “Gode welgevallig”. Dat wil zeggen, offers die door Hem aanvaard worden.

Onze eigen verantwoordelijkheid

Er wordt van ons gevraagd om een toegewijd leven te leiden. We worden er niet toe gedwongen. We hebben net gelezen dat Paulus zegt: “met een beroep op Gods barmhartigheid vraag ik u om uzelf als…” ROMEINEN 12:1.

Wie Gods genade heeft leren kennen, zal begrijpen wat de ‘eigen verantwoordelijkheid’ inhoud. In de Efeziërs brief staat:

“Let dus goed op welke weg u bewandelt, gedraag u niet als dwazen maar als verstandige mensen. Gebruik uw dagen goed, want we leven in een slechte tijd. Wees niet onverstandig, maar probeer te begrijpen wat de Heer wil” EFEZIËRS 5:15-17.

Let dus goed op welke weg je bewandelt. Deze oproep is erop gericht om ons scherp te houden. Want we leven in vijandig gebied. In een wereld waar de satan het grotendeels voor het zeggen heeft. Daarom worden we er attent op gemaakt om zorgvuldig te leven als ‘kinderen van het licht’. Paulus roept ons dan ook op om ons als ‘wijzen’ te gedragen, als mensen die God Kennen en daarnaar handelen.

Onze verantwoordelijkheid bestaat hierin, dat we ‘de tijd’ moeten verstaan waarin we leven. Nauwlettend toezien, betekent dit in het Grieks: ‘grondig, precies, met aandacht voor details’. Met andere woorden, wij moeten met een grondige nauwkeurigheid toezien op onszelf, zodat ons leven verantwoord geleid wordt. Dit lijkt me een mooie definitie voor toewijding.

Paulus’ inzet gaat verder dan alleen maar een brief schrijven. Het dwingt hem tot voorbede voor de gelovigen. Hij aanvaardt zijn verantwoordelijkheid om zich toe te wijden aan die gemeenten, die mede door zijn inzet zijn ontstaan. Hij zegt: “Daarom bidden wij onophoudelijk voor u (…) we vragen dat u Gods wil ten volle mag leren kennen door de wijsheid en het inzicht die zijn Geest u schenktKOLOSSENZEN 1:9. Zie ook FILIPPENZEN 1:9-10.

Wie toeziet op zichzelf zal toegewijd zijn aan een dagelijks leven in, ‘woord en gebed’. De psalmmist stelt zichzelf de volgende vraag: “Hoe kan wie jong is zuiver leven?” We zouden de vraag ook anders kunnen stellen: hoe kan wie in Jezus gelooft, toegewijd leven? Voor toen en nu is er hetzelfde antwoord: “Door zich te houden aan uw woord” PSALM 119:9. Want:

“Het woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat gij in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst en met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen zingende, Gode dank brengt in uw harten” KOLOSSENZEN 3:16. vgl. ook EFEZIËRS 6:18.

De wereld zegt: ‘geen woorden maar daden’, maar een Christen getuigt van ‘woorden èn daden’. Want: “hij houdt daarbij vast aan het woord dat leven brengt” FILIPPENZEN 2:16a.

Ik wil afsluiten met een gedicht van Georg Hering.

Liefde

Liefde is jezelf verliezen,
zo volkomen, zo intens,
aan de Koning van de schepping,
als een nieuw, herboren mens.

Liefde is jezelf verliezen,
zonder voorbehoud en rein,
aan Hem die vol overgave
trouw je beste vriend wil zijn.

liefde is jezelf verliezen,
als een liefdevolle kracht,
aan je naaste voor wie Jezus
ook eens uitriep, ’t is volbracht!

Ik wens je een fijne dag