Iedere Christen is verantwoordelijk om te ontdekken wat de wil van God is voor zijn of haar leven. En in dat ontdekken van Gods wil ligt voor ons de grote uitdaging om ‘Zijn wil’ ook te aanvaarden. Dit is onze verantwoordelijkheid! Volgens het woordenboek betekent gehoorzaamheid; ‘gewilligheid om te doen wat bevolen wordt en na te laten wat verboden wordt’. Iemand zei eens; ‘Een Christen hoeft maar één ding te kunnen: gehoorzamen’. Goed, we weten dat dit niet vanzelf gaat.

Inhoud:

  • Inleiding
  • Een belangrijke oproep
  • Gehoorzaamheid is voedsel
  • De autoriteit van God
  • Het plan van Zijn koninkrijk
  • Gedelegeerde autoriteit
  • Gods eisen voor autoriteit
  • Gods autoriteit in ons leven

Inleiding

De meeste mensen hebben geleerd hun eigen weg te volgen. Het is dan ook moeilijk om onze wil in Gods handen te leggen. Om God te volgen in gehoorzaamheid moet je bereidt zijn offers te brengen. Veel mensen hebben pijnlijk moeten ervaren dat hun ongehoorzaamheid, de relatie met God blokkeert en het ontneemt je ook de zegen van God.

Toen koning Saul de opdracht van God kreeg om af te rekenen met de vijand, nam hij een andere beslissing. Lees het verhaal maar in 1 KONINGEN 15. Gods opdracht was: “Spaar ze niet, maar dood alles en iedereen: mannen en vrouwen, kinderen en zuigelingen, runderen en schapen, kamelen en ezels” VERS 3. De reden voor deze beslissing was dat God zei: “Ik ben niet vergeten wat Amalek Israël heeft aangedaan: het heeft Israël de weg versperd bij zijn uittocht uit Egypte” VERS 2.

Saul had moeten weten dat Gods opdracht, ook Gods wil was voor zijn leven. Gods wil moest gedaan worden ongeacht de gevoelens van Saul. De grote fout van koning Saul was dat hij: “koning Agag levend gevangen nam, maar de rest van het volk doodde hij. Agag werd door Saul en zijn manschappen gespaard, samen met de beste schapen, geiten en runderen en de sterkste jonge stieren en rammen, kortom, alles wat van waarde was” VERS 8-9. Saul was ongehoorzaam aan Gods opdracht. Voor de zoveelste maal nam hij een andere beslissing. En wat was Gods antwoord, Hij stuurde Samuël de volgende boodschap:

“Schept de HEER meer behagen in offers dan in gehoorzaamheid? Nee! Gehoorzaamheid is beter dan offers, volgzaamheid is beter dan het vet van rammen. Weerspannigheid is even erg als toverij, en eigen zinnigheid is even slecht als afgodendienst. U hebt de opdracht van de HEER verworpen; daarom verwerpt hij u als koning!” VERS 22-23.

Deze geschiedenis is een schokkend voorbeeld dat God serieus genomen wil worden. Het zal niet in alle gevallen van ongehoorzaamheid zo gaan. Gelukkig maar! Soms gaat God met ons een weg waarin we het mogen leren, wat een genade! Die kans heeft koning Saul ook gehad. Toch moeten we goed begrijpen dat God gehoorzaamheid belangrijker vindt dan het brengen van offers. God wil dat wij gewillig zijn om:

  • Te doen wat bevolen wordt
  • Na te laten wat verboden wordt

Een belangrijke oproep

Paulus doet aan de gemeente van Corinthiërs een oproep tot gehoorzaamheid. Hij wil hun inzicht geven hoe je moet strijden tegen ongehoorzaamheid. Maar ook wil hij het verwijt van sommige tegenstanders weerleggen, die beweren dat hij naar het vlees zou handelen. Hij schrijft:

“Ik verzoek u: dwing me niet tot zo’n flink optreden als ik bij u ben, met het zelfvertrouwen dat ik mij meen te kunnen veroorloven tegenover enige lieden die denken dat wij handelen uit menselijke beweegredenen. Wij zijn mensen, dat wel, maar wij strijden niet met menselijke middelen. De wapens waarmee wij strijden zijn niet menselijk, ze zijn geladen met Gods kracht, in staat om elk bolwerk neer te halen. Wij werpen redeneringen omver, elke verschansing die wordt opgeworpen tegen de kennis van God. Wij nemen elke gedachte gevangen om haar tot gehoorzaamheid aan Christus te brengen” 2 CORINTHIËRS 10:2-5 WILLIBRORD V.T.

Ons leven in deze wereld is niet altijd even eenvoudig. Vgl. 1 THESSALONIZENSEN 5:8. Deze strijd kent twee kanten. Ten eerste is het een strijd tegen de zonde – de ongehoorzaamheid - in ons eigen leven. En ten tweede is het een strijd tegen de tegenstanders van God en Zijn koninkrijk. In deze strijd maakt Paulus geen gebruik van menselijke strijdmiddelen zoals, geweld, intimidatie, manipulatie of leugens. Hij gebruikt dus geen wapens die horen bij de onverloste mens. Om de ongehoorzaamheid te bestrijden gebruikt Paulus geestelijke wapens:

“Laten we ons daarom ontdoen van de praktijken van de duisternis en ons omgorden met de wapens van het lichtROMEINEN 13:12.

De wapens van het licht zijn ‘het Woord en de heilige Geest’. En daarmee kunnen we ten strijde trekken tegen de ongehoorzaamheid. Paulus zegt heel eerlijk, ik ben zwak maar mijn leven is geen uiting van zwakheid. De wapens waarmee ik strijd zijn geladen met Gods kracht. Daardoor pakt hij elke opstand van menselijk denken aan – de ongehoorzaamheid aan God - om die terug te brengen tot gehoorzaamheid aan Christus. We moeten goed begrijpen dat ongehoorzaamheid onze geestelijke groei in de weg staat. Het maakt ons onvruchtbaar voor God. In TITUS 1:16 staat:

“Zij belijden wel, dat zij God kennen, maar met hun werken verloochenen zij Hem, daar zij verfoeilijk en ongehoorzaam zijn en niet deugen voor enig goed werk” NBG.

Wat Paulus ons wil zeggen is; ‘dat wij alle argumenten die zich verzetten om God te gehoorzamen zullen onderwerpen aan de autoriteit van Christus’.

Gehoorzaamheid is voedsel

Het klinkt misschien een beetje gek maar toch is het zo. Gehoorzaamheid is voedsel waardoor je groeit in Gods wil. Is er geen sprake van gehoorzaamheid in je relatie met God dan zien we ook geen geestelijke groei. Jezus zegt: “Mijn voedsel is: de wil doen van hem die mij gezonden heeft en zijn werk voltooienJOHANNES 4:34. Gehoorzaamheid is ‘geestelijk voedsel’ wat je kracht geeft om Gods wil te doen. Jezus legt uit dat je nooit Gods werk kunt doen zonder gehoorzaamheid. Hij leefde voor Zijn opdracht. Dat was Zijn voedsel. Uit die opdracht putte Hij de kracht om Zijn werk te doen.

Een woord wat veel met gehoorzaamheid te maken heeft is ‘discipline’. Soms moeten we ons zelf aanpakken om Jezus te volgen om Zijn opdracht uit te voeren. Dat weten we maar al te goed. Discipline betekent ‘tucht’. Paulus weet als geen ander hoe belangrijk tucht is in ons leven. Hij zegt dan ook:

“Ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang, om niet, na anderen gepredikt te hebben, wellicht zelf afgewezen te worden1 CORINTHIËRS 9:27 NBG.

“Ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang”. Dat zijn nogal krachtige termen. Waarom moet Paulus zichzelf zo aanpakken? Omdat hij wist: “als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig” ROMEINEN 7:21. Hij heeft deze ervaring opgedaan uit de dagelijkse praktijk van het leven. Want het kwade wordt in de praktijk het meest gedaan. Iedereen heeft moeite om te gehoorzamen dat klinkt duidelijk in Paulus’ woorden door. Daarom zegt hij, ik dwing mijzelf een gedisciplineerd leven te leiden, zodat ik God in alles kan gehoorzamen. Dat is zijn levensmotto geworden. Dit leert ons het volgende:

Gehoorzaamheid moet je leren, het is een leerproces en het heeft alles te maken met autoriteit.

We weten dat Jezus in heel Zijn leven Gods wil heeft gedaan. En toch moest ook Hij gehoorzaamheid leren. “Hoewel hij zijn Zoon was, heeft hij moeten lijden, en zo heeft hij gehoorzaamheid geleerdHEBREEËN 5:8. Waarin moest Jezus nu gehoorzaamheid leren? Hij was toch de zoon van God? Zeker, dat is allemaal waar. Maar omdat Hij aan de mens gelijk was geworden lag er ook voor Hem de verleiding om tegen Gods wil in te gaan. Zie FILIPPENZEN 2:6-8. Vgl. MATTHÉUS 4:1-11. Hij had Zijn ‘Goddelijke staat verruild voor de menselijke’ daarom kon de satan Hem aanvallen. En het middelpunt van die aanvallen op Jezus werk was Zijn kruisdood. Als de satan dat had kunnen voorkomen was Jezus’ opdracht volkomen mislukt. Dus de gehoorzaamheid van Jezus lag in de verzoekingen en in Zijn lijden aan het kruis. En daar leerde Hij om de Vader te gehoorzamen. Was dat gemakkelijk voor Hem. Nee, het was een enorme strijd! Maar uiteindelijk stelde Hij Gods wil boven Zijn eigen wil en zegt Hij deze woorden:

“Vader, indien Gij wilt, neem deze beker van Mij weg; doch niet mijn wil, maar de uwe geschiede” LUCAS 22:42.

Jezus aanvaardde Gods autoriteit. Daarom kon Hij zeggen: “Uw wil geschiede”. Dat was de kern van Zijn gehoorzaamheid. En door deze gehoorzaamheid kwam Gods energie in Zijn leven. Want: “Uit de hemel verscheen hem een engel om hem kracht te gevenVERS 43.

Wie terug kijkt in de geschiedenis kan zien wat ongehoorzaamheid heeft gedaan in de samenleving. Trouwens, als je de krant van gisteren leest ben je ook voldoende op de hoogte om dit te weten. Onze maatschappij laat zien dat we steeds verder af komen te staan van hoe God wil dat we leven. Ondanks de pogingen om ons op te voeden met het ‘normen en waarden’ beleid van onze regering.

We moeten lijdzaam toezien dat onze maatschappij een gezagsloze samenleving aan het worden is. Dit komt omdat veel mensen het woord autoriteit niet meer kennen of accepteren. Het lijkt wel of dit steeds meer uit onze samenleving wegdrijft. Daarom is het voor ons zo belangrijk om te zien dat gehoorzaamheid te maken heeft met autoriteit met gezag. Als men geen begrip meer heeft van de betekenis van ‘autoriteit’, dan snap je ook niet zo goed wat gehoorzamen is.

Kinderen van God gehoorzamen dan ook omdat ze het gezag aanvaarden van Iemand die boven hen staat. Dit principe heeft God zelf zo ingesteld. We moeten goed begrijpen dat alle autoriteit begint bij God, omdat Hij boven alles staat.

De autoriteit van God

Als we nadenken over Gods autoriteit dan zijn een aantal dingen heel belangrijk om te weten.

  • God is niet geschapen
  • Hij is compleet in Zichzelf
  • Hij is eeuwig onveranderlijk, Ik Ben die Ik Ben
  • Hij is ons geen verantwoording schuldig
  • Zijn autoriteit is gebaseerd op wie Hij is

We zien Gods autoriteit terug in:

  • De schepping – PSALM 148:13
  • In zijn Woord – HEBREEËN 1:3
  • In Gods Zoon – MATTHÉÜS 28:18
  • Door God aangestelde personen – ROMEINEN 13:1-2

Als we Gods autoriteit onderzoeken, dan zien we dat de aard van Zijn autoriteit nooit machtswellust is, maar liefde. Hij zal Zijn autoriteit nooit misbruiken. Zou God dit wel doen dan handelt Hij tegen Zijn eigen wezen in, want Hij is een God van liefde. Zie 1 JOHANNES 4:8; 16.

Al Zijn waarschuwingen aan de mens zijn altijd gebaseerd op liefde. Vgl. OPENBARING 3:19 en HEBREEËN 12:11. Zijn autoriteit zal dan ook altijd gericht zijn om ons tegen onszelf te beschermen. Want wij mensen zijn van nature ongezeglijke mensen. We doen altijd wat we zelf willen. Vgl. 1 CORINTHIËRS 2:14 en MARKUS 10:18. Daarom is het goed dat God beschermende maatregelen heeft bedacht. Dat heeft Hij niet gedaan om ons tegen te werken maar om ons te helpen. Autoriteit heeft God bedacht om ons in liefde te kunnen leiden. En verwerpen wij Zijn autoriteit dan wijzen wij Zijn liefde af.

Alleen de liefde van God, verpakt in autoriteit, kan ons in vrede, eerlijkheid, veiligheid en eensgezindheid doen leven. Het is onze eigen ongehoorzaamheid die ons deze dingen doen missen. De geschiedenis vertelt ons precies wat we zijn kwijt geraakt. En hoe verder wij van God afdwalen des te groter zullen de gevolgen zijn.

Het niet luisteren naar God heeft al grote catastrofes teweeggebracht. Denk maar aan de opstand van Lucifer, de satan, in de hemel, JESAJA 14:12-20. Of lees het verhaal van Adam en Eva, GENESIS 1 EN 2. En denk eens aan het verhaal van Noach, GENESIS 6. Al deze gebeurtenissen hebben een geweldige impact gehad op het menselijke bestaan. En de gevolgen zien we dagelijks om ons heen. En toch zien we in al deze verhalen dat God de draad weer oppakt. Hij nam telkens het initiatief en kwam met een plan van verlossing.

Het plan van Zijn koninkrijk

Toen Jezus het evangelie verkondigde was dit het begin van iets nieuws. Het was het begin van een nieuw te ontstaan koninkrijk. Jesaja had dit al aangekondigd:

“Groot zal de heerschappij zijn en eindeloos de vrede op de troon van David en over zijn koninkrijk, doordat hij het sticht en grondvest met recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid. De ijver van de HERE der heerscharen zal dit doen” JESAJA 9:7 NBG.

En in Matthéüs lezen we: “Vanaf dat moment begon Jezus zijn verkondiging. ‘Kom tot inkeer,’ zei hij, ‘want het koninkrijk van de hemel is nabijMATTHÉÜS 4:17.

Als we Jezus’ verkondiging volgen, dan zien we dat Hij door middel van dat koninkrijk Zijn autoriteit laat zien. Hij zegt hier zelf over:“als ik door de Geest van God demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God bij jullie gekomenMATTHÉÜS 12:28. Hij laat zien dat God een plan van eeuwige redding heeft voor iedereen. Dat koninkrijk bestaat uit mensen die Hem willen volgen. Die Hem willen gehoorzamen.

En hoe mooi dit ook allemaal klinkt, er zit een zwakke kant aan dit prachtige verhaal. En dat zijn die mensen die gezegd hebben ‘wij willen U volgen. Want dit volgen gaat niet vanzelf. Paulus bemoedigd ons met deze woorden: “Laat u op geen enkele manier door uw tegenstanders angst aanjagen, want dat is een teken van God: voor hen dat ze ten onder gaan, voor u dat u wordt gered” FILIPPENZEN 1:28.

Zo zien we al heel snel in het Nieuwe Testament, dat de vestiging van Gods Rijk op aarde, staat of valt, met onze gehoorzaamheid. Want het koninkrijk van God wordt bevestigd door ons luisteren en gehoorzamen naar God. Deze aspecten vinden we dan ook in velerlei varianten terug in het Nieuwe Testament. Maar een heel belangrijk onderdeel van onze gehoorzaamheid vinden we in het ‘onze Vader’. Lees het maar in MATTHÉÜS 6 en let dan vooral op deze zin: “laat uw koninkrijk komen en uw wil gedaan worden op aarde zoals in de hemel” VERS 10.

In dit vers staat nogal wat. Want wie goed leest zal begrijpen dat Jezus’ volgelingen mede-verantwoordelijk zijn voor het ‘geschieden van Gods wil’ op aarde. Wij spelen daar een grote rol in als ik het zo mag zeggen. Waarom leert Jezus ons dit te bidden, omdat Hij ons wil betrekken in Zijn plan. De volgelingen van Jezus zijn als het ware de schakels die ‘de aarde met de hemel’ verbinden, om zo Gods wil te laten plaatsvinden. En het is al gezegd, maar dit staat of valt met onze gehoorzaamheid. De geschiedenis van de kerk heeft, of zal het ons leren.

Waarom is er zo weinig van de ‘Gods lichaam’ zichtbaar op aarde? Waarom sluiten bestaande kerken hun deuren en veranderen die in museums of woonhuizen? Waarom zijn er zoveel kerkelijke fusies? Waarom groeit de ene kerk wel en de andere niet? Waarom hebben we geen zin meer om naar de kerk te gaan? Het antwoord op al deze vragen is heel simpel. Door onze ongehoorzaamheid wordt Gods wil op aarde geblokkeerd. Zo was het vroeger en zo is het nu!

Wat is onze keuze? Hoe lossen we dit voor onszelf op? Aanvaarden wij onze verantwoordelijkheid nu we Christen zijn geworden? Onze gehoorzaamheid is heel belangrijk. Hierdoor geven we God gelegenheid om Zijn autoriteit op aarde te bevestigen, te herstellen. Zie EFEZIËRS 3:10.

Het klinkt misschien heel zwaar maar, met onze gehoorzaamheid staat of valt de gemeente. Als de geschiedenis ons dit niet geleerd heeft dan leert de Bijbel ons dit wel. Want er zijn vele oproepen om ons in te zetten, niet alleen voor eigen behoud, maar ook voor dat van anderen. Vgl. 1 JOHANNES 3:16.

Gehoorzaamheid zijn de bouwstenen voor Gods rijk. Zie 1 PETRUS 2:1-10. Het is belangrijk voor groei en relatie met Jezus en met elkaar. Gods koninkrijk is Zijn privé terrein op aarde waar Hij zijn autoriteit uitoefend voor het wel en wee van u en mij.

  • Door Jezus’ gehoorzaamheid kwam de gemeente tot stand
  • Door onze gehoorzaamheid kan de gemeente verder groeien

God heeft het erop gewaagd om een deel van die zorg van die verantwoordelijkheid aan ons toe te vertrouwen. Lees de volgende woorden maar: “Jezus kwam op hen toe en zei: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld” MATTHÉÜS 28:18-20.

Hoe gaan we hiermee om? Zijn we bereid om elke vorm van rebellie uit ons leven weg te doen? Willen we leren dat gehoorzaamheid beter is dan het brengen van offers? Zijn we bereid om in Jezus’ naam autoriteit uit te oefenen? Het schept nu eenmaal verplichtingen wanneer je bidt: “laat uw koninkrijk komen en uw wil gedaan worden op aarde zoals in de hemel”.

Gedelegeerde autoriteit

Het was vanaf het begin dat God zijn autoriteit aan mensen heeft toevertrouwd. Het woord ‘delegeren’ betekent, ‘iemand met een bepaalde opdracht wegzenden’. Het verhaal van het paradijs is hier een goed voorbeeld van. God: “zegende hen en zei tegen hen: Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen” GENESIS 1:28. En later als Noach met zijn gezin op de gereinigde aarde uit de ark stapt: “Toen zegende God Noach en zijn zonen, hij zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en bevolk de aarde. De dieren (…) ze zijn in jullie machtGENESIS 9:17. We moeten goed begrijpen dat God vooraf Zijn zegen meegaf aan Adam en aan Noach.

Zonder Gods zegen waren ze niet in staat om goed met Gods toevertrouwde autoriteit om te gaan. En zolang ze leefden binnen de grenzen van Zijn wil, konden ze het gedelegeerde gezag van God met wijsheid toepassen. We kennen de afloop van beide verhalen. Maar ondanks die tragische gebeurtenissen gaat God door. En we zien door het Oude Testament heen dat Hij telkens mensen zegent, en aan hen Zijn autoriteit geeft om namens Hem te regeren, te spreken en te handelen.

God heeft dus Zijn gedelegeerde autoriteit dwars door alle ontwikkelingen heen in stand gehouden. Waarom zou Hij dat gedaan hebben? Omdat God gezegd had:

“Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken; zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt’ GENESIS 1:26.

God verlangde dat de mens zou leren om door middel van Zijn autoriteit, in gehoorzaamheid te leven met Hem en met Zijn schepping. We hebben al eerder gezien dat Gods autoriteit niets anders is dan er voor te zorgen, dat de mensheid binnen de grenzen van Zijn liefde zou leven. Want goede toegepaste autoriteit is niets anders dan het laten zien dat God liefde is. Vgl. 1 JOHANNES 4:8. Hij houdt teveel van ons om ons voor eeuwig buiten de grenzen van Zijn aanwezigheid te plaatsen. Tenzij wij er zelf voor kiezen en Hem niet aannemen in ons leven.

Uit alle verhalen van de geschiedenis trekt de profeet Jeremia de volgende conclusie en spreekt namens God de volgende woorden. “Maar zij luisterden niet, schonken mij geen gehoor; zij waren halsstarrig en ongehoorzaam en lieten zich niet terechtwijzen” JEREMIA 17:23. En omdat de mens voortdurend Gods autoriteit negeerde of misbruikte zond Hij zijn eigen Zoon Jezus Christus.

Ook Jezus werd gezegend door God en wel op een heel bijzondere wijze. “Zodra Jezus gedoopt was en uit het water omhoogkwam, opende de hemel zich voor hem en zag hij hoe de Geest van God als een duif op hem neerdaalde. En uit de hemel klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugdeMATTHÉÜS 3:16-17. Jezus werd gezegend met de Geest van God. Die Geest gaf Hem de autoriteit om namens Zijn Vader op te treden. Vgl. MATTHÉÜS 28:18.

Wat Jezus deed met Zijn autoriteit zien we terug in de vele wonderen die Hij verrichtte. Maar we zien ook dat Hij Zijn autoriteit delegeerde aan Zijn discipelen. Toen Hij hen opdracht gaf om erop uit te trekken delegeerde hij Zijn gezag door te zeggen: “Wie jullie ontvangt ontvangt mij, en wie mij ontvangt ontvangt hem die mij gezonden heeft” MATTHÉÜS 10:40.   

Het woord ‘ontvangt’ betekent ‘aannemen of met vertrouwen aanvaarden’. Een oud joods gezegde luidt, ‘Een gezant van een mens is als deze mens zelf’. Met andere woorden: De gezondene is de plaatsvervanger van de zender. Daarom gebruikt de Lutherse vertaling het woord ‘aanneemt’. En let nu eens op de volgorde van dit vers. “Wie u aanneemt, die neemt mij aan; en wie mij aanneemt, die neemt hem aan, die mij gezonden heeft” MATTHÉÜS 10:40.

  • Jezus neemt Gods autoriteit aan
  • Dit geeft Hij door aan Zijn discipelen
  • Die geven het door aan de mensen
  • En de mensen nemen God aan

En dat is nu precies de bedoeling van gedelegeerde Goddelijke autoriteit. Dat we terug zullen keren naar God. Dat was Jezus’ opdracht, het terugbrengen van de verloren schapen. Vgl. MATTHÉÜS 15:24 en JOHANNES 10:16.

Uit wat we nu geleerd hebben kunnen we twee dingen duidelijk zien, dat elk kind van God kan:

  • Leren autoriteit te erkennen
  • Leren autoriteit toe te passen

Toen Paulus de gemeente vermaande deed hij dit omdat hij Gods gezag erkende en kon toepassen.

“Zelfs al zou ik overdreven hoog opgeven van het gezag dat de Heer ons heeft toevertrouwd – overigens, een gezag om uw belang te dienen, niet om het te schaden –, dan nog zou blijken dat ik de waarheid spreek” 2 CORINTHIËRS 10:8.

“Ik ben nu niet bij u, maar schrijf u dit alles om bij mijn bezoek niet streng te hoeven optreden, want het gezag dat de Heer mij heeft gegeven is bedoeld om op te bouwen, niet om af te breken” 2 CORINTHIËRS 13:10.

Wat opvalt is dit, God geeft autoriteit niet om te heersen maar om op te bouwen.

Gods eisen voor autoriteit

We weten intussen dat misbruik van Gods autoriteit of het weigeren hiervan grote moeilijkheden veroorzaakt. Dat hebben we gezien in het verleden, bij koning Saul. Dat is vandaag nog steeds zo, en in de toekomst zal dit zeker ook zo zijn. Daarom is het goed om in een studie over gehoorzaamheid te leren niet tegengesteld te handelen aan Gods autoriteit. Wat we ook moeten leren is dat God altijd autoriteit respecteert. Het is Zijn middel wat Hij gebruikt in de aardse organisaties en menselijke relaties.

Toen David tot koning gezalfd was en achtervolgd werd door Saul die hem wilde vermoorden, dwong David zichzelf om niet tegen hem in opstand te komen. Toen David de kans had om Saul om te brengen zei hij iets heel opmerkelijks:

“De HEER verhoede dat ik mijn koning, Gods gezalfde, iets zou aandoen en mijn hand tegen hem zou opheffen. Hij is immers door de HEER zelf als koning aangewezen1 SAMUËL 24:7.

David zag Saul nog steeds als zijn koning. Het was nog steeds Gods gezalfde die de gedelegeerde autoriteit van God met zich meedroeg. En zolang God niet daadwerkelijk had ingegrepen om koning Saul definitief van zijn troon te stoten, verplichte David zichzelf om dit ook te respecteren.

Een ander voorbeeld is dat Paulus toen Ananias, de hogepriester, opdracht gaf om hem te slaan zei: “God zal ú slaan, huichelaar! U zit daar om volgens de wet recht over mij te spreken, en toch overtreedt u zelf de wet door bevel te geven mij te slaan? De omstanders zeiden: ‘Scheld je de hogepriester van God uit? Toen zei Paulus: ‘Ik wist niet, broeders, dat hij de hogepriester is. Er staat inderdaad geschreven: “Een leider van je volk mag je niet verwensenHANDELINGEN 23:3-5. En hiermee accepteerde Paulus de gedelegeerde autoriteit van God aan Ananias. Wat een voorbeelden van diepe gehoorzaamheid aan God door zo van je eigen recht af te zien.

Ik wil een paar aandachts punten noemen die belangrijk zijn om Gods autoriteit uit te kunnen oefenen. En onthoud deze stelregel: ‘Hoe meer autoriteit een mens denkt te hebben, hoe minder hij heeft’.

Een kind van God moet:

  • Gods gezag erkennen
  • Gods woord erkennen
  • Zichzelf kunnen onderwerpen
  • Zichzelf willen verloochenen
  • Niet bemoeizuchtig zijn
  • In gemeenschap met God leven

Wie dicht bij God leeft zal sneller zijn fouten zien en er voor waken dat hij ze niet opnieuw maakt. We moeten leren om God te vertrouwen en om het van Hem te verwachten. We weten vanuit Bijbelse verhalen dat hoe meer iemand God vreest, des te meer autoriteit zal God hem of haar toevertrouwen.

In alles wat we doen is het goed te onderkennen dat we altijd ‘vertegenwoordigers’ zijn van Gods autoriteit en niet zelf ‘het gezag’ zijn. Mozes sprak met God van aangezicht tot aangezicht. Zie EXODUS 33:11. Hij begreep heel goed hoe hij om moest gaan met gedelegeerde autoriteit. Hij had ook geleerd om boven kritiek te staan en om dit bij God te brengen. Dat had hem gemaakt tot: “een zeer bescheiden man – niemand op de hele wereld was zo bescheiden als hijNUMERI 12:3. Mozes probeerde niet zijn ‘eigen gezag’ te vestigen, maar zijn gezag kwam voort uit zijn kennis van en zijn relatie met God.

Het verwerpen van Gods gezag kenmerkt zich meestal door:

  • Een houding van rebellie

Deze mensen zijn meestal individualistisch en onafhankelijk ingesteld. Rebellie heeft altijd te maken met trots. En we weten dat trots de oorzaak was voor de val van satan. Rebellie kun je overwinnen door je aan God toe te wijden en Zijn autoriteit te aanvaarden als het hoogste gezag op aarde.

  • Een jaloers hart

We leven in een cultuur van ‘wat de ander heeft of kan dat wil ik ook’. Deze houding maakt van ons jaloerse mensen. Een jaloers mens heeft snel kritiek op anderen, op leiders, enz. Jaloersheid kan ons hart verteren en het brengt veel boosheid met zich mee. Het belijden aan God en Zijn vergeving geeft ons weer zicht op juiste gezagsverhoudingen.

  • Streven naar meer positie

Wie zich laat leiden door meer te willen zijn dan dat God je toevertrouwd gaat ook in tegen Gods gezag. Paulus zegt hierover: “Met een beroep op de genade die mij geschonken is, zeg ik u allen dat u zichzelf niet hoger moet aanslaan dan u kunt verantwoorden, maar verstandig over uzelf moet denken. Denk overeenkomstig het geloof, dat is de maatstaf die God u heeft gegeven” ROMEINEN 12:3.  Het streven naar een hogere positie is een veel voorkomend probleem toen en nu. Vgl. 1 CORINTHIËRS 10:12; 2 CORINTHIËRS 10:12; FILIPPENZEN 2:3.

Paulus waarschuwt om ons niet meer toe te eigenen qua positie dan God ons geeft. Wie dit wel doet verwerpt Gods autoriteit en laat zien dat hij ongehoorzaam is.

Gods autoriteit in ons leven

God heeft het aangedurfd om Zijn gezag aan ons te delegeren, dit kunnen we aannemen of afwijzen. Maar wie een kind van God is, zal begrijpen hoe belangrijk het is om Zijn autoriteit in ons hart mee te dragen. Want zonder zijn gezag kunnen we niets doen. Jezus stelde zich ook onder Gods autoriteit. Hij zegt dit met de volgende woorden:

“Waarachtig, ik verzeker u: de Zoon kan niets uit zichzelf doen, hij kan alleen doen wat hij de Vader ziet doen; en wat de Vader doet, dat doet de Zoon op dezelfde manier. De Vader heeft de Zoon immers lief en laat hem alles zien wat hij doet. Hij zal hem nog grotere dingen laten zien, u zult verbaasd staan” JOHANNES 5:19-20.

Gods autoriteit houdt eigenlijk in ‘wat Hij zelf is’ en ‘wat Hij wil’. En omdat aan de wereld te tonen wil Hij ons gebruiken. Maar net als Jezus kunnen we dat niet uit onszelf. Daarom draagt Jezus Zijn autoriteit aan ons over. Dit lezen we duidelijk in het zendingsbevel. “Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld” MATTHÉÜS 28:19-20.

Als Jezus zegt: ‘ga dus op weg en doe de dingen die Ik ook gedaan heb’, dan begrijpen we heel goed dat we dit nooit uit eigen kracht kunnen. Maar omdat Jezus onder Gods autoriteit leefde kon Hij dat doorgeven. Daarom zijn de woorden die vooraf gaan aan de tekst die we net gelezen hebben zo belangrijk. Want daar zegt Hij: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde” VERS 18.

Als we dit in de juiste volgorde zetten dan zien we het volgende. Dat we in ons werk, voor Hem, gebruik mogen maken van Zijn gezag. Hij stuurt ons niet zómaar op weg. God geeft ons ‘Zijn energie’ mee. Want het ‘op weg gaan in Zijn naam’ wordt als het ware ommuurd door: ‘van Mij is alle macht’ en ‘Ik ben altijd met je’. Dat is de motor die we nodig zijn om God in gehoorzaamheid te dienen.

We zijn vertegenwoordigers van Gods autoriteit. Paulus zegt het zo: “Wij zijn gezanten van Christus, God doet door ons zijn oproep. Namens Christus vragen wij: laat u met God verzoenen” 2 CORINTHIËRS 5:20. God geeft Zijn gezag aan mensen die Hem kennen. Wat een voorrecht. Wat een uitdaging. Elk kind van God wordt geacht te leven in de tegenwoordigheid van God. Dit betekent dat je Hem dagelijks zoekt en Zijn wil zult doen. De kern waar het in deze studie om draait is het woord gehoorzaamheid. Zonder dit kunnen we Hem niet volgen.

Hoe kunnen we gehoorzaamheid zichtbaar maken? Dat gaat maar op één manier, namelijk door onderwerping. De Bijbel spreekt daar veel over, in verschillende bewoordingen. Het betekent: ‘Zichzelf onder het gezag brengen van iemand die boven je staat’. En dat is een doorlopend thema in de Bijbel. Bijbelse onderwerping is nooit dwangmatig – die van de wereld wel.

Een Christen zonder gehoorzaamheid is een belemmering in Gods koninkrijk. Het stagneert de groei van jezelf maar ook die van de gemeente. Jezus kwam dit ook tegen in zijn werk. “En hij verrichtte daar niet veel wonderen, vanwege hun ongeloofMATTHÉÜS 13:58. En we weten dat ongeloof altijd te maken heeft met ongehoorzaamheid. Onderwerping is een innerlijke gesteldheid met uiterlijke gevolgen.

God wil dat wij gehoorzaamheid leren. Dit doet Hij door mensen boven ons te plaatsen. En wanneer we dit principe accepteren dan is dat het begin van onze gehoorzaamheid. Dan kunnen we verder groeien. Of zoals Paulus het zegt: “Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toe groeien naar hem die het hoofd is: Christus” EFEZIËRS 4:15.

Ik wens je Gods zegen