Betekenis: waarschuwen, vermanen, instructies geven

Het woord nouthesia is afgeleid van twee woorden:

  • Nous, ‘geest, verstand, gedachten, denken.
  • Tithemi, het uitoefenen van invloed op het verstand en denken van iemand, in een situatie waar weerstand is bij het waarschuwen.

Het doel is om iemand van verkeerde gedachten of ideeën af te brengen. Bij nouthesia gaat het om waarschuwen en onderwijzen, ook wel instructie geven, met woorden.

“Dit is hun overkomen tot een voorbeeld (voor ons) en het is opgetekend ter waarschuwing voor ons, over wie het einde der eeuwen gekomen is” 1 CORINTHIËRS 10:11.

Dit vers zegt dat de zonden van het volk Israël zijn opgeschreven als een waarschuwing voor de gelovigen. Dus een waarschuwing op grond van gebeurtenissen uit situaties die eerder hebben plaatsgevonden. Dit vers heeft dus ook een instructief (leerzaam) karakter. Zie ook VERS 12 “wie meent te staan, zie toe, dat hij niet valle”.

Het woord nouthesia, in EFEZIËRS 6:4 is in de grondtekst met ‘vermaning’ vertaald, zie Staten vertaling.

“Een mens, die scheuring maakt, moet gij, na hem een en andermaal terechtgewezen te hebben, afwijzen” TITUS 3:10.

Je kunt niet zomaar iemand afwijzen, ook al wordt er niet direct gehoor gegeven aan de waarschuwing. De Staten vertaling zegt, dat je pas mag afwijzen, uit je midden wegdoen, na een eerste én een tweede vermaning. Dit verwijst naar MATTHÉÜS 18:15-17. We mogen niemand ‘zomaar’ aan de kant schuiven. Het waarschuwen om iemand op het Bijbelse spoor terug te brengen moet eerst plaats vinden. Als dat niet lukt, als dat niet effect heeft, dan mag Titus - lees gemeente - ingrijpen om zo’n persoon buiten de gemeente te plaatsen. Met als doel het heil van de gemeente en de persoon in kwestie.

Een ander woord in verband met waarschuwen is, dia-marturomai. Dit vinden we in LUCAS 16:28 en betekent; een dringend getuigenis afleggen, dat wil zeggen:

  • Uitdrukkelijk verzekeren.
  • Een dringend beroep doen op.

Allereerst drukt het woord uit dat iemand een zaak plechtig bevestigt. Daarvan getuigenis aflegt, uitdrukkelijk verzekert dat het daarmee werkelijk zo gesteld is, omdat men er getuige van is geweest. Maar het werkwoord kan ook gebruikt worden wanneer iemand een ander wil overreden iets te doen of na te laten. Datgene waartoe men iemand wil overreden kan als een directe vermaning of opdracht geformuleerd worden met een gebiedende wijs. Zie 2 TIMÓTHEÜS 4:1 “ik betuig u”. Of indirect 2 TIMÓTHEÜS 2:14 “blijf dit in herinnering brengen”.

De rijke man wilde Lazarus graag naar zijn familie sturen om hen, ‘ernstig te waarschuwen’ om te voorkomen dat zij ook in dit oord van pijniging zouden komen. Zie LUCAS 16:28. Lazarus kon zijn familie uit eigen waarneming betuigen, wat de gevolgen zouden zijn, wanneer zij zich niet zouden bekeren.